Rondreizen op het Indonesische eiland Sumba (ook wel Soemba, niet te verwarren met Sumbawa!) stond eerst eigenlijk helemaal niet op mijn planning. Ik had er voordat ik mijn reis begon zelfs nog nooit van gehoord! Daar kwam verandering toen ik in december na mijn reis door Nepal terug naar Indonesië reisde, naar Bali om precies te zijn. Eigenlijk wilde ik dit eiland wat verder ontdekken, omdat ik een paar maanden daarvoor alleen maar in Ubud was geweest.

Vanaf het vliegveld nam ik daarom direct een taxi naar Canggu, volgens velen een leuke plek als solo-reiziger. Na een paar dagen was ik er echter volledig over uit dat dit geen bestemming voor mij was. Ik moest hier zo snel mogelijk weg! Maar waar zou ik eens heengaan?

Ik dacht eraan om naar het noorden van Bali te reizen, maar om de één of andere reden zette ik dit idee toch weer snel uit mijn hoofd. En wat is nou een betere manier om een nieuwe bestemming uit te kiezen, dan simpelweg Google Maps te openen? En dat is precies wat ik deed!

Dat ik in Indonesië wilde blijven stond vast, dus ging ik alle eilanden op de kaart af totdat Sumba mijn aandacht trok. Dit eiland bevindt zich zo’n 60 kilometer zuidelijk van het Komodo National Park en van Flores. Er is op toeristisch gebied niet heel veel over bekend en niet-toeristische plekken trekken eigenlijk altijd mijn interesse. Hier wil ik heen!

Weekuri-Lagoon-Sumba

Maar als solo-reiziger kan dit nog best lastig (en prijzig) zijn. Er bevinden zich namelijk 0 hostels op het eiland. Ik wilde, net zoals mijn rondreis op Flores, een roadtrip maken op de scooter. Maar alleen op de scooter stappen zag ik niet helemaal zitten. Dus plaatste ik een oproep in één van de Azië-Facebookgroepen, maar het bleek knap lastig om een reisgenootje te vinden.

Sumba bleef dus nog even op mijn lijstje staan en ik reisde af naar Lombok. Hier ik heb uiteindelijk 3 volle maanden vertoefd en een geweldige tijd gehad. Zo ontmoette ik er ook mijn Oostenrijkse reisgenootje waarmee ik 3 maanden heb samengereisd. Sumba trok ook haar interesse, dus besloten we om samen het vliegtuig te pakken en dit eiland te gaan ontdekken. En dat bleek een uitstekende keuze!

Onze Indonesische vrienden hadden een kennis in Sumba die ons graag wilde helpen om er rond te reizen. Zo kwamen we in contact met zijn neefjes die ons gedurende 7 dagen hebben rondgereden op de motorbike en met de auto. We bedachten voordat we op pad gingen samen met hen een reisroute die ik hieronder graag met je deel.

Rondreis-Sumba-Reisroute

Reisroute Sumba

Sumba is geen klein eilandje. Het heeft namelijk een oppervlakte van een flinke 11.052 km². Het eiland is onder te verdelen in West- en Oost-Sumba met ieder een heel verschillend landschap. Ik raad dan ook zeker aan om beide delen van het eiland te bezoeken! Sumba staat trouwens ook bekend om de fantastische surfplekken en er bevinden zich zelfs een handje vol surfscholen.

Ik maakte met deze reisroute door Sumba elke dag tripjes met als uitvalsbasis Tambolaka in West-Sumba en Waingapu in Oost-Sumba. In verbleef in Tambolaka 4 dagen en in Waingapu 3 dagen.

Reisroute Sumba 1 week

West-Sumba

Dag 1: Tambolaka

Vanaf Bali vloog ik in ongeveer een uurtje naar Tambolaka. Geen grote stad, als je het al een stad kunt noemen, maar wel de plek waar zich de luchthaven van West-Sumba bevindt. Het aantal accommodaties in Tambolaka is op één hand te tellen. Je kunt er echter ook voor kiezen om direct naar de kust in het noorden te gaan waar je de keuze hebt uit de iets luxere Oro Beach houses (€38) en Mario Hotel & Café (€48). Beide bevinden zich aan het strand, ongeveer een half uurtje rijden vanaf de luchthaven.

Op de dag van aankomst ontmoetten we de kennissen van onze Indonesische vrienden en maakten we samen een reisroute voor de komende dagen. Diezelfde middag gingen we eerst op pad met een locale driver en bezochten we Bukit Lendongara, ook wel de Teletubbies heuvels. Je hebt er een fantastisch uitzicht over de glooiende groene heuvel (als je in of net na het regenseizoen reist).

Bukit-Lendongara

Nadat we de heuvels bezochten, reden we door naar Pantai Kita in het noorden. Aan dit strand bevindt zich Mario Hotel & Café die ik hierboven al noemde. Het is erg mooi om de zonsondergang te bekijken vanaf dit strand.

De weg ernaar toe is niet van hele goede kwaliteit, dus mocht je er zelf heenrijden, rijd dan voorzichtig.

Pantai Kita Beach

Dag 2: Tambolaka

Op de tweede dag gingen we op stap met de jongens achterop de motorbike. De dag ervoor hadden we afgesproken om rond 9:00 te vertrekken, maar zoals dit wel vaker gaat in Indonesië, vertrokken we om 10:30 pas echt. Na een aantal maanden in Indonesië was ik dit inmiddels wel gewend.

Het was ongeveer een uur rijden naar de Weekuri Lagoon dat zich zuid-westelijk van Tambolaka bevindt. Wanneer je Googled naar afbeeldingen van Sumba, dan staat deze prachtige lagoon er vaak tussen. De weg ernaar toe is grotendeels van uitstekende kwaliteit. Stop onderweg ook zeker even bij de kliffen om de lokale bevolking te zien vissen. Entree voor de Weekuri Lagoon is gratis, je betaald enkel parkeerkosten.

Weekuri Lagoon

Dichtbij bevindt zich ook Pantai Mandorak. Dit strand staat bekend om de grote rotspartijen in het water.

In de middag bezochten we ons eerste traditionele dorp in Sumba, Ratenggaro. Deze dorpjes worden gekenmerkt door houten huizen met een hoog puntig dak van stro. Je ziet er hoe de mensen leven en hoe hun huizen zijn opgedeeld. Zo leven de dieren onder het huis, slapen er vaak meerdere families op de eerste ‘verdieping’ en wordt al het voedsel opgeslagen tot in de daken.

Entree is 40.000 IDR. Het is ook leuk om erna even naar het strand, Pantai Ratenggaro te lopen.

Ratenggaro traditional village

Vanaf Ratenggaro was het ongeveer een uur terugrijden naar Tambolaka. Toen we weer aankwamen bij ons guesthouse werden we uitgenodigd voor een verjaardagsfeestje bij hun familie thuis, uiteraard met karaoke erbij inbegrepen 😉

Toen we aankwamen werden ons al borden aangereikt om alle lekkere gerechten te proeven. Ik denk dat er zo’n 20 à 30 vrienden en familie aanwezig waren waarvan de meesten met ons natuurlijk op de foto zijn geweest. Niet veel later moesten we natuurlijk ook de lokale arak proeven. Er werd door iedereen met groot enthousiasme door de microfoon geblèrd en de voetjes gingen van de vloer. Dát is nog eens een leuke kennismaking met Sumba.

Familiefeestje-in-Sumba

Dag 3: Tambolaka

Ook op dag 3 was het plan om ook om 9:00 op pad te gaan, maar vanwege wat katertjes hier en daar vertrokken we weer rond een uurtje of 10:30. Vandaag reed er nóg een familielid uit Jakarta met ons mee die op familiebezoek was in Sumba.

De eerste bestemming van de dag was Pantai Watu Malandong op een flinke 1,5 – 2 uur rijden van Tambolaka. Het laatste stuk van de route was dramatisch slecht en soms best even spannend. Eenmaal aangekomen bij het strand konden we even heerlijk bijkomen. Zwemmen zat er bij het strand niet in vanwege de ruwe zee. Echter mondt er ook een rivier uit de in zee, waar we hebben in hebben gezwommen. Maar ook hier is het oppassen geblazen, want de stroming is iets verderop behoorlijk sterk.

Na een lekkere typisch Indonesische lunch op het strand, reden we door naar Tanjung Mareha. Het was even zoeken, maar na een poosje kwamen we aan bij het uitzichtpunt op de klif. Het was verbazingwekkend hoe ver we vanaf deze klif konden kijken. Met een verse kokosnoot in onze hand hadden we zicht op kilometers strand met een blauwe zee. Even genoten we allemaal van het geluid van de vele golven die op het strand sloegen. Ver onder ons zagen we een groepje lokale kinderen vrolijk op het strand spelen.

Tanjung-Mareha

Omdat we op de heenweg een beetje verdwaald waren geraakt, vroegen we de locals bij de klif om met ons mee te rijden naar Pantai Mbawana. Vanaf de klif hadden we al een mooi uitzicht gehad op dit strand. Het was ongeveer 20 minuten naar beneden klauteren op een betonnen trap die nog in aanmaak was. Een groepje kinderen kwam al nieuwsgierig op ons afgerend terwijl wij in de schaduw op het strand plaatsnamen. De golven waren hier iets rustiger, waardoor we op dit strand wel het water in konden.

Nadat we weer ophoog waren geklommen en hijgend een schaduwplekje opzochten, maakte de vriendelijk meneer een aantal verse kokosnoten voor ons open. Dat kwam perfect uit, want ons water was alweer bijna op.

Pantai Mbawana

In de avond dineerden we weer gezellig bij de familie thuis onder het genot van een Bintang biertje.

Dag 4: Tambolaka

Omdat we de meeste bezienswaardigheden rond Tambolaka al hadden gezien, deden we het vandaag wat rustiger aan. Geen lange ritjes meer op de motorbike voor ons.

Wel reden we in de middag achterin de pick-up truck naar de lokale markt. Hier werden we door de meeste locals ongegeneerd nieuwsgierig aangestaard en sommigen durfden met ons op de foto te gaan. Op de markt kochten we een hoop producten voor het lokale weeshuis in Tambolaka waar we diezelfde middag heen zouden rijden.

Weeshuis Sumba

We barbecueden die avond met verse kip op Pantai Kawona, zó vers dat hij ter plekke werd geslacht.. Ja, zo gaat dat hier hè. Heel laat maakten we het die avond niet, want de volgende ochtend stapten we al vroeg in de auto naar Waingapu in Oost-Sumba.

Oost-Sumba

Oost-Sumba heeft weer een heel ander landschap dan het westen van het eiland. Zo wordt het landschap hier met name gekarakteriseerd door savanne en glooiende heuvels. De grootste stad in Oost-Sumba is Waingapu.

Dag 5: Waingapu

Rond een uurtje of 4:00 ging onze wekker al. Niet veel later stapten we de auto in op weg naar Waingapu. De weg tussen Tambolaka en Waingapu is grotendeels van uitstekende kwaliteit. Onderweg reden we door kleine dorpjes in een prachtig landschap met glooiende groene heuvels en vergezichten.

Voordat we aankwam in Waingapu, maakten we een stop bij de Bukit Wairinding, ook wel de Teletubbie heuvels genoemd. Deze heuvels zijn vergelijkbaar met Bukit Lendongara, echter konden we hier veel verder kijken. Het was een prachtig gezicht om de wolken over het landschap te zien trekken.

Bukit-Wairinding

We reden door naar Waingapu en dropten onze spullen in het guesthouse. We verbleven eerst een nachtje in Hotel Merlyn. Basic maar cheap (minder dan 200.000 IDR per nacht).

Na een middagdutje gedaan te hebben, vertrokken we naar de Air Terjun Tanggedu. De route naar de waterval leidde ons door een prachtig heuvellandschap met rivieren en minuscule dorpjes. Na de auto te hebben geparkeerd, moesten we nog een stukje lopen en naar beneden lopen naar de waterval. Wanneer het heeft geregend kan deze route behoorlijk glad zijn, dus pas op.

Helaas waren de waterval en de rivier bruin gekleurd. Dit wisten we van te voren wel omdat we in het regenseizoen reisden. Zwemmen was dus niet zo aantrekkelijk, maar het had in principe wel gekund, met enige voorzichtigheid. Het was daarentegen een prima plek voor onze zelf meegenomen Indonesische lunch.

Klim ook zeker even de heuvel op voordat je naar beneden klimt naar de waterval. Het is geen officieel uitzichtpunt, maar je hebt er een adembenemend uitzicht. Wij beklommen deze heuvel enthousiast op blote voeten, maar dat zou ik je niet aanraden. Schoenen of sandalen zijn een beter idee!

Reisroute Rondreis Sumba

In de avond hebben we de grootste lol gehad op de nightmarket met een aantal locals die hun Engels maar wat graag wilden oefenen met ons. Natuurlijk probeerden we ook een woordje Bahasa Indonesisch terug te spreken.

Dag 6: Waingapu

Eén van de locals stelde de vorige avond voor om de zonsopgang te bekijken bij de Bukit Hiliwuku. Vroeg opstaan zat inmiddels al in ons ritme ingebakken, dus wij gingen akkoord. Het uitzicht was er hartstikke mooi, maar het kwam er op neer dat hij eigenlijk geen idee had waar de zon op kwam en het was ook nog eens bewolkt. Geen geslaagde zonsopgang dus, maar desalniettemin wel een heel mooi uitzicht!

Op de terugweg stopten we bij Bukit Persaudaraan waar we een geweldig uitzicht hadden op kilometers rijstvelden en palmbomen.

Bukit-Persaudaraan

Hierna was het weer tijd voor een middagdutje in het hotel. Maar deze nacht besloten we om ietsje luxer te gaan slapen in het Pedadita Beach Hotel. Zo, dat voelde luxe aan na onze basic accommodaties.

Het weer zag er niet heel betrouwbaar uit, maar toch besloten we om naar de Air Terjun Wai Marang te gaan. Naar beneden klimmen was nog een hele opgave omdat de route erg steil is op het laatste stuk én glad vanwege de regen.

Het water in de waterval is in het droge seizoen hartstikke blauw, maar ook nu was het water troebel. Desalniettemin klommen we via de rand naar de waterval en sprongen in het water.

Air Terjun Wai Marang Sumba

Voor de zonsondergang reden we naar Pantai Walakiri. Dit strand staat bekend om de mangrovebomen die zicht in het water bevinden. De laaghangende zon zorgt voor een prachtige weerspiegeling en het is daarom ook een populaire plek voor photo shoots. In het water lagen trouwens ook ontelbaar veel zeesterren.

Dag 7: Tambolaka

De laatste dag was alweer aangebroken en we reden in een aantal uur van Waingapu naar Tambolaka. De volgende ochtend vroeg zou onze vlucht van Tambolaka naar Bali alweer gaan. We sloten deze leuke week met z’n allen af bij familie. Natuurlijk was de lokale sterke Arak drank ook van de partij en gingen we deze gezellige avond door met de mentaliteit “slapen is voor watjes”. Nou daar voelden we natuurlijk de consequenties van de volgende ochtend.

Cultuur in Sumba

Wist je dat Sumba een van de armste gebieden in Indonesië is? Op cultureel gebied is het daarentegen juist een van de rijkste! Het is namelijk een van de laatste gebieden op aarde waar het animisme voorkomt en traditie speelt er een grote rol. Meer dan de helft van de bevolking is christelijk.

Wat ik heel bijzonder vond om te zien was dat de bevolking met meerdere families in traditionele huizen woont. Dit soort huizen (zie onderstaande foto) hebben vaak een flinke lap grond en bevinden zich langs een hoofdweg.

De officiële taal in Sumba is het Bahasa Indonesisch, maar er worden ook veel andere talen en dialecten gesproken, maar liefst 9 verschillende. Veel locals spreken niet tot nauwelijks Engels, dus het kan zeker geen kwaad om een woordje Indonesisch te leren. Met een aantal basic woorden en zinnetjes en non-verbale communicatie kom je samen al een heel eind!

Cultuur-in-Sumba

Sumba bereiken

Sumba is het beste met een directe vlucht te bereiken vanaf Bali, dat zich op 400 kilometer van het eiland bevindt. Vliegen van Bali naar Sumba duurt slechts 1 tot 1,5 uur. Er gaan dagelijks directe vluchten van Denpasar (Bali) naar Tambolaka in West-Sumba en naar Waingapu in Oost-Sumba.

Ik boekte dus een retourvlucht naar Tambolaka en reisde een paar dagen naar het oosten. Wat je echter ook kunt doen is vliegen naar Tambolaka en terugvliegen van Waingapu of andersom natuurlijk. Maar een retourticket vanaf dezelfde luchthaven is vaak wel wat goedkoper.

Daarnaast is er blijkbaar ook een bootverbinding vanaf Ende in Flores en volgens onze kennis in Sumba ook vanaf Lombok (een vaartocht van 24 uur). Van wat ik heb begrepen zijn dit grote boten waar ook auto’s op passen. Heb je genoeg tijd, reis je low-budget, of wil je graag een local-experience, dan is de boot een goede optie voor je.

Vervoer op Sumba

De weg tussen Tambolaka en Waingapu is grotendeels van uitstekende kwaliteit. Veel andere wegen op het eiland zijn echter vaak een stuk onbetrouwbaarder en soms zelfs van bar slechte kwaliteit.

Ik reisde op Sumba dus achterop de motorbike. Voor enkel het huren van een motorbike betaal je 100.000 tot 150.000 IDR (€6 – €9) per dag. Dit bedrag ligt een stukje hoger dan op veel andere Indonesische eilanden. Dit komt doordat er weinig concurrentie op Sumba is, waardoor de verhuurbedrijven de prijzen hoog hebben liggen.

Een driver is uiteraard nog een stukje duurder. Dit kost zo’n 500.000 IDR (€30) per dag.

Neem zelf voldoende eten en drinken mee wanneer je een dagtrip maakt. Onderweg kun je vaak nergens iets kopen. Wat wij vaak deden was het kopen van onze lunch bij een van de Nasi Padang eettentjes. Die zijn bij mij zwaar favoriet! En al helemaal de Rendang. Wist je dat het recept voor Indonesische Rendang ook op mijn website staat?

Wegen in Sumba

Accommodaties in Sumba

Wat wij eigenlijk eerst van plan waren was om zelf een roadtrip te maken op de motorbike en onderweg overnachtingsplekken te vinden, net zoals mijn roadtrip op Flores. Maar in 2020 was dit in ieder geval nog niet echt mogelijk op Sumba.

Er is in Sumba namelijk een zeer beperkte keus aan accommodaties. In de steden, zoals Tambolaka en Waingapu vind je nog de meeste overnachtingsplekken. Verspreid langs de kust bevinden zich ook resorts. Hiervoor moet je echter wel diep in de buidel tasten. Reis je de dus low-budget, dan is je keuze een stuk beperkter.

Dat betekent niet dat het onmogelijk is om low-budget op Sumba rond te reizen! Prijzen van de goedkopere overnachtingen liggen rond de 150.000 – 250.000 IDR (€9 – €15) per nacht. Voor accommodaties in Sumba kun je kijken op websites zoals Booking, Agoda maar ook Traveloka.

Best reistijd Sumba

Sumba kent een relatief kort regenseizoen en een lang droge seizoen. In het westen van het eiland valt jaarlijks zeker twee keer zoveel neerslag dan in het oosten.

Sumba heeft een droog en bergachtig landschap en het kan er heel erg heet worden. Ik reisde er gedurende het regenseizoen in februari en ook toen was het er behoorlijk heet.

Het regenseizoen loopt grofweg van december tot en met maart. Een voordeel van reizen in het regenseizoen is dat het landschap hartstikke mooi groen gekleurd is. Een nadeel is natuurlijk de kans op een bui. Als het er regent, regent het vaak kort maar krachtig. Daarnaast zijn de watervallen en rivieren bruin gekleurd vanwege het regenwater. Deze zijn in het droge seizoen het mooist van kleur.

De beste reistijd voor Sumba hangt dus een beetje van wat jij graag wilt zien. Wil je een mooi groen landschap zien, reis dan in of net na het regenseizoen (januari – april). Wil je graag blauwe watervallen zien, reis dan aan het eind van het droge seizoen (augustus – oktober).

Alle-posts-over-Indonesie